‘Voeding en geneesmiddelen hebben talloze raakvlakken’

Renger Witkamp leidt de leerstoelgroep Voeding en farmacologie, die de Wageningen Universiteit in 2006 heeft opgezet. Hij is er van overtuigd dat voeding en geneesmiddelen talloze raakvlakken hebben die nog te weinig aandacht hebben gekregen, Unilever voegt bijvoorbeeld cholesterolverlagende stoffen toe aan Becel. Een voedingsmiddel lijkt daarmee al wat op een geneesmiddel. Voeding bevat ook van nature talloze biologisch actieve stoffen die de gezondheid kunnen beïnvloeden, zij het in een lagere concentratie dan in geneesmiddelen.

Als het ziekteproces wat verder gevorderd is, zijn meestal geneesmiddelen nodig, stelt Witkamp. Toch kan ook dan kan een aangepaste voeding een belangrijke rol spelen. De afdeling Humane voeding van Wageningen Universiteit werkt bijvoorbeeld nauw samen met Ziekenhuis de Gelderse Vallei in Ede. Onderzoekers nemen voeding van patiënten onder de loep om tot een optimaal dieet te komen. Goede voeding kan weerstand en conditie verbeteren, maar ook de bijwerking van medicijnen verminderen en soms zelfs de dosering omlaag brengen. Zo kan de dosis van cholesterolverlagende middelen drastisch omlaag als het dieet meer plantaardige steroïden bevat die zelf ook cholesterolverlagend werken. Daardoor zullen ook de bijwerkingen van de statines verminderen.

Witkamp ziet de farmaceutische industrie overigens ook richting voeding opschuiven. Voeding en geneesmiddelen vinden elkaar bijvoorbeeld bij chronische aandoeningen. “Veel processen in het lichaam fluctueren binnen bepaalde grenzen. De suikerspiegel in het bloed neemt bijvoorbeeld toe na een maaltijd, maar het lichaam reageert erop door de aanmaak van insuline die de suikerconcentraties binnen bepaalde grenzen houdt. Er is een subtiel evenwicht tussen suiker en insuline. De uitdaging is om ziekten zoals diabetes in een zeer vroeg stadium te diagnosticeren, zodat er nog veel gecorrigeerd kan worden met voeding en lifestyle.

Een speerpunt in het onderzoek van Witkamp is de vraag waarom mensen te veel eten. Het lichaam produceert endo-cannabinoïden, die zorgen voor de voldoening die iemand ervaart na een goede maaltijd. Mede door die moleculen dreigt het gevaar van dik worden. Witkamps onderzoekgroep zal zich in de toekomst bezighouden met het nabootsen van het effect van de endo-cannabinoïden, door de receptoren waar deze stoffen aan binden te stimuleren. Ook denkt hij aan methoden om de afbraak van endo-cannabinoïden te vertragen of juist om de vorming kunstmatig te stimuleren zodat je, zonder uitbundig te eten, toch dat gevoel van voldoening krijgt.

Endo-cannabinoïden spelen ook een rol bij het controleren van ontstekingen in het lichaam. Daar is veel aandacht voor in de zoektocht naar de relatie tussen overgewicht en chronische ziekten. Bij vetzucht is namelijk een deel van het vetweefsel chronisch ontstoken en de bewijzen stapelen zich op dat die chronische ontstekingen een sleuteltrol spelen bij het ontstaan van veel chronische aandoeningen. Het type voeding dat iemand gebruikt bepaalt in belangrijke mate welke cannabinoïden het lichaam vormt. Het spectrum van vetzuren in het dieet bepaalt welke biologisch actieve moleculen worden gemaakt die chronische ontstekingen stimuleren of juist remmen. Zo is met een keuze voor een goede voeding mogelijk om chronische ontstekingen te remmen en bepaalde ziekten in te dammen.

bron: Resource, 07/05/09

Dit artikel is geplaatst in Cholesterol, Voeding. Bookmark hier de permalink.

Geef een reactie